Nederlands Kampioenschap Kortebaan Kampen 2012

Het begon ermee dat ik de reserve autosleutel van Lennart kreeg,
verder ging het als volgt. Op dinsdag vertrok Lennart met een trailer
naar het noorden voor een paar nachten open kano kamperen. In zijn
auto zaten twee gasten, op de trailer lagen een tandem open kano, een
solo open kano en twee K1's, waaronder mijn eigen. 's Woensdags namen
Oskar en ik de Jetta van Bob, met op het dak twee verenigings-K1's,
richting Rotterdam en voeren daar een erg snelle avondmarathon.
Vrijdag was het varen van Lennart c.s. klaar en werden de gasten naar
een station en de trailer naar een grasveld voor de poorten van KV
Skonenvaarder (Kampen) gebracht. De auto werd andermaal naar het
station gereden, waar Lennart een trein terug naar Leiden nam (zijn
gasten hadden hun reis verder noordwaarts vervolgd). Even daarvoor was
ik op de trein naar Kampen gestapt. Tijdens mijn overstap in Zwolle
kocht ik bij de Hema nog snel een reiswekkertje, omdat ik er geen bij
mijn bagage had gestopt.

Zodoende trof ik in Kampen een auto waarvan ik de sleutel had en reed
ermee naar de Skonenvaarders waar ik eerst maar eens de trailer binnen
de hekken trok. Daarna, het was al even over acht uur 's avonds, sloot
ik mij snel aan bij de ploegleiderbespreking van het NK lange baan en
de Hanzenregatta. Hier vervulde ik de rol van ploegleider van Levitas,
waarbij moet worden aangetekend dat Levitas geen lid is van het
Watersportverbond en ik dat dus feitelijk niet mocht. Ik
representeerde in deze rol de afvaardiging uit Leiden, bestaande uit
mijzelf. Mijn verwachting was dat deze bespreking een formaliteit zou
zijn, maar het bleek een vier uur durend debat over wie dat weekend
welke wedstrijd in welke baan kon en mocht starten. Na enige pressie
mijnerzijds stond de vergadering mij toe op alle afstanden te starten,
al had ik geen wedstrijdlicentie. Het beding was dat ik niet in
aanmerking kwam voor de titel 'Nederlands kampioen', maar met
tegenstand van mannen als Joep van Bakel en Bram Brandjes had ik daar
al niet op gerekend.

Omdat de ploegleiderbespreking zo lang duurde was het donker toen deze
was afgelopen. Ook was er een harde wind opgestoken. In deze niet al
te fraaie omstandigheden moest ik uit de bagage van Lennart een
onderkomen zoeken. Hij was immers wezen kamperen, dus hoefde ik geen
kampeerspullen mee te nemen. Na enige tijd zoeken, ik was moe en begon
wat chagrijnig te worden, vond ik in de trailerbak een drijfnatte
buitentent en een opblaasmatras. Ik was niet zo goed bekend met de
tent, dus kostte het me langer dan wenselijk om van het doek een
windvaste schuilplek te maken. Gelukkig was het matje veel dikker dan
ik gewend was, waardoor ik ondanks het slechte weer en de opkomende
zenuwen nog wat kon slapen. Niet te lang, want rond half zeven
zaterdagochtend maakte ik kennis met het geluid van mijn nieuwe
wekkertje.

Het woei nog steeds zo'n 6Bft en ik was blij dat mijn constructie niet
was ingestort. Ik had nog even de tijd om alle spullen een beetje te
fatsoeneren, iets te eten en te kijken waar ik mij eigenlijk bevond.
Daarna moest er zo hard mogelijk 500 meter gevaren worden. De
wedstrijdleiding vertrouwde mij toe dat er met deze wind geen
bootweging mogelijk was, dus kon ik varen in mijn boot zoals ik hem
goed ken. Niet dat je daar lang van kunt genieten, want in ongeveer
twee minuten is de strijd gestreden. Hoewel ik mijn boot aardig in
bedwang weet te houden in het soort golven dat er op het Drontermeer
stond, voelde het als een hinderlijke belemmering van het opvoeren van
de snelheid. Het was indrukwekkend om tussen zulke snelle mannen te
starten, maar erg spijtig dat ik voorbij de streep niet het idee had
dat ik alles had kunnen geven en een plekje in het midden van het veld
bood geen toegang tot de finale. Zo kan het snel bekeken zijn.

Snel trok ik wat warms aan en hing ik mijn eigen support crew uit door
mij een brunch te verzorgen. Van de ene assisterende functie naar de
andere werd ik toen weer ploegleider om de grote Levitas enveloppe op
te halen bij de wedstrijdorganisatie. Ik opende hem en deelde het
startnummer voor de lange baan wedstrijd (vijf kilometer) van de
middag uit aan mij. Dit startnummer van het Nederlands Kampioenschap
bestond uit een showcase, een A4-tje dat dubbelgevouwen aan beide
kanten hetzelfde startnummer toonde en een postelastiekje. Net als in
de ochtend ging ik mij dus weer namens Levitas verontschuldigen dat
wij onze wedstrijdnummers waren vergeten en vroeg ik in een van de
andere kampen een kunststof wedstrijdnummer om te decoreren met de
voorgenoemde attributen.

De lange baan wedstrijd leverde misschien een iets mindere
classificatie dan de 500 meter, maar dit was toch duidelijk de afstand
waar ik mij beter thuis voelde. Met het gevoel dat na een tijdje in je
armen ontstaat ben ik goed bekend en mijn laatste twee rondjes op de
duizend meter baan oogstten enig respect. Fijn dat de organisatie zo
koppig was om de hele handel door te zetten, in sommige culturen zou
men er het weer toch te slecht voor gevonden hebben.

De avond en nacht verliepen aanmerkelijk beter dan die ervoor en de
organisatie van mijn verblijf begon enige continuïteit te vertonen. De
tweede dag zou bestaan uit 200 meter wedstrijden en nogmaals een vijf
kilometer, nu in K2 verband. De wind was gaan liggen, in ieder geval
in vergelijking met de dag ervoor. Dit betekende dat ik mijn boot
moest verzwaren om diskwalificatie te voorkomen. Het is mij in de
korte tijd die ik had niet gelukt dit te doen met behoud van trim. De
wind kwam nu vol van zij en juist toen ik volledig óp mijn startboei
was gedreven werd mijn 200 meter gestart. Waardeloos. Daar had ik geen
antwoord op en toen ik te maken kreeg met het zog van de snelle gasten
was er ook geen redden meer aan. Op 200 meter is het avontuur van
bijzonder korte duur, zeker als je niet door de heats heen komt. Zo
kon het gebeuren dat ik in nog geen 3 minuten vaartijd al mijn korte
baan K1 werk van dat weekend had zitten. Deze zondag bestond voor mij
echter ook nog uit wat K2 werk. Op de tweehonderd meter een
gelegenheidsboot met een DKV'er die het vooral allemaal erg leuk vond.
Wonder boven wonder haalden we het tot de finale, alwaar er het een en
ander mis ging waardoor we bij de start niet van onze plaats kwamen.
Niet dat het een groot verschil zou hebben gemaakt op de behaalde
rang, maar zonde desalniettemin.

Voor de vijf kilometer werd ik door een erg ontspannen TWV'er
gevraagd. Hij kwam van het afvaartkajakken en zat sinds een paar
maanden in een K1. Wiebelig, maar plezierig vond hij dat. Ik voelde me
vereerd gevraagd te worden en had er zin in. Op de lange baan mag je
tenminste even varen. Helaas lag er geen K2 op de trailer van Levitas
en waren de mooiste TWV K2's al bezet, waardoor we op een tamelijk
lompe Kirton boot met een kapot roer waren aangewezen. Het deerde
niet, met boogslagen kom je ook om een boei heen en we konden zowaar
hele stukken lekker hard varen. De gevaren tijd stemde zelfs tevreden
en het was een geschikte manier om mijn toch wat jammerlijke korte
baan introductie te boven te komen.

Wat restte was de terugreis. Waar de andere teams zich om huldigingen
en versnaperingen bekommerden, moest ik zorgen dat ik de
Levitastrailer van het terrein kreeg voordat het al te vol liep, zodat
ik rond etenstijd in Leiden kon zijn. De trailer achter de auto en de
hele karavaan volgestort met wat er twee dagen eerder uitgehaald was
kon de terugreis per auto worden ondernomen. Via de binnenspiegel
hield ik contact met mijn boot en samen werkten wij aan een ander
debuut voor mij: met trailer rijden.

Het was een leuk, soms wat hectisch, weekend en als er in het vervolg
meer mensen van Levitas heen willen ga ik graag mee. Toch miste ik
ondanks de overvloed aan ambitie op het terrein soms een blijk van
liefde voor het varen. In ieder geval is de drukte op dit weekend een
teken dat het geaccepteerd is om graag zoveel mogelijk in je boot te
zitten, dus dat zal voorlopig bij mij niet veranderen.

- Jouke


Klik hier om terug te gaan naar het overzicht van vlakwater-wedstrijdverslagen.